Het vertrouwen onder Nederlandse particuliere beleggers stabiliseert na een onrustig voorjaar, terwijl hun zorgen over de Nederlandse economie toenemen. Inmiddels ziet meer dan de helft van de beleggers een verslechtering. Tegelijkertijd blijven beleggers actief en zoeken zij vaker naar spreiding buiten de eigen markt, onder meer via opkomende economieën. De interesse gaat daarbij vooral uit om via fondsen en ETF’s te beleggen in Azië. De combinatie van voorzichtigheid en stabiliteit vertaalt zich in de ING BeleggersBarometer, die in juni uitkomt op 106 punten, een lichte daling ten opzichte van mei (109).
Simon Wiersma, beleggingsspecialist van het ING Investment Office: “Beleggers reageren duidelijk anders dan eerder dit jaar. Ze zien de economische vooruitzichten verslechteren, maar laten zich daar minder door uit het veld slaan. Ze blijven actief en zoeken ze bewust naar spreiding, bijvoorbeeld buiten de Nederlandse markt. Dat wijst erop dat beleggers beter omgaan met onzekerheid en meer vanuit de lange termijn redeneren.”
Hoewel 43% niet belegt in opkomende markten en dit ook niet overweegt, geeft 27% van de ondervraagden aan dit wel te overwegen en 21% geeft aan dit al te doen. Voor hen spelen vooral kansen op de lange termijn en het spreiden van beleggingen een belangrijke rol. Binnen opkomende markten gaat de voorkeur vooral uit naar Azië en via beleggingsfondsen of ETF’s. “Beleggers houden vaak van controle. De interesse in opkomende markten laat zien dat de focus langzaam verschuift van onzekerheid op de korte termijn naar kansen op de lange termijn, waaronder dus spreiding buiten de traditionele markten”, aldus Wiersma
De interesse in opkomende markten laat zien dat de focus langzaam verschuift van onzekerheid op de korte termijn naar kansen op de lange termijn, waaronder dus spreiding buiten de traditionele markten.Simon Wiersma, beleggingsspecialist ING Investment Office
Hoewel het algemene sentiment stabiel blijft, zijn beleggers pessimistischer geworden over de economische situatie in Nederland. Waar in mei nog 43% een verslechtering zag, is dat in juni opgelopen naar meer dan de helft (52%). De eigen financiële situatie wordt daarentegen vrijwel gelijk beoordeeld als vorige maand. In juni ziet 27% een verbetering, terwijl 19% een verslechtering ervaart.
Over de eigen beleggingsportefeuille blijven beleggers relatief positief. Twee derde zag in de afgelopen maand een waardestijging, vrijwel gelijk aan mei. Slechts een vijfde van hen rapporteerde een daling. Over de afgelopen twaalf maanden is het beeld zelfs verbeterd: 76% ziet waardegroei, terwijl het aandeel dat een daling rapporteert is afgenomen van 15% naar 9%.
De verwachtingen voor de komende maanden laten een stabiel beeld zien. Zo verwacht 47% dat de portefeuillewaarde zal stijgen, terwijl 21% rekent op een daling. Dit is vrijwel gelijk aan mei. De verwachtingen voor de AEX zijn eveneens in evenwicht: 34% voorziet een stijging, 28% een gelijkblijvende stand en 29% een daling. Daarmee lijken beleggers positiever dan eerder dit voorjaar. Geopolitieke ontwikkelingen blijven een belangrijke rol spelen in het sentiment. 57% van de beleggers noemt geopolitiek als belangrijkste factor voor de beurs, gevolgd door de wereldeconomie met 27%.
Het gedrag van beleggers laat een duidelijk patroon zien: de helft van de beleggers wijzigde zijn positie niet, terwijl een groeiende groep bijkoopt. Tegelijk neemt ook het aandeel toe dat juist verkoopt. “Beleggers laten zich niet meer leiden door korte pieken of dalen”, aldus Wiersma. “Ze zoeken overzicht, spreiding en bouwen stap voor stap vermogen op. Dat vraagt om vertrouwen niet alleen in de markt, maar ook in de economische omstandigheden waarin ze beleggen.”
Beleggers zoeken overzicht, spreiding en bouwen stap voor stap vermogen op. Dat vraagt om vertrouwen niet alleen in de markt, maar ook in de economische omstandigheden waarin ze beleggen.Simon Wiersma, beleggingsspecialist ING Investment Office