Tekort betaalbare koopwoningen wordt breed gevoeld

ING Woonbericht: 1 op de 4 huizenbezitters kan eigen woning nu niet meer kopen door overwaarde

Ook in het vierde kwartaal van 2021 blijft het vertrouwen in de woningmarkt positief met een index van 115, ten opzichte van 117 in het derde kwartaal. Dit werd met name veroorzaakt door de verwachting van een lichte toename van de hypotheekrente. Daarnaast is het aantal ondervraagden dat negatief gestemd is in één kwartaal van 56% gestegen naar 66%. De zorg over beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen wordt ook dit kwartaal breed gedeeld: 65% van de starters onderschrijft deze zorg. In het zoeken naar een oplossing wordt sociale koop als serieuze optie gezien. 48% is positief over het gericht betaalbaar bouwen voor starters en kopers met lagere inkomens.

Ook woningbezitters willen bijdragen aan oplossen woningmarktprobleem Ruim de helft van de ondervraagden ondervindt zelf of in de directe omgeving de gevolgen van het tekort aan betaalbare koopwoningen. Van de starters die de gevolgen merken (68%) ervaart driekwart de gevolgen in zijn of haar persoonlijke situatie. 54% van de woningbezitters merkt de gevolgen van de krapte. Daarvan geeft 28% aan dat de krapte gevolgen heeft voor hun (klein)kinderen of voor andere mensen in de omgeving (61%). De meest genoemde effecten van de grote problemen op de woningmarkt zijn overbieden, langer dan gepland thuis blijven wonen of überhaupt geen huis kunnen kopen. Wim Flikweert, Manager Wonen bij ING: "We zien een grote solidariteit als het gaat om de uitdagingen op de woningmarkt. Het probleem wordt breed erkend en woningbezitters zijn ook echt bereid om bij te dragen aan een oplossing, bijvoorbeeld door via belastingen mee te betalen aan goedkopere woningen in plaats van de vrije sector nieuwbouw duurder te maken.” Ruim 70% van de respondenten geeft de overheid er van langs en vindt dat Rijksoverheid, gemeenten en provincies te weinig doen en hier de komende jaren mee aan de slag moeten. Opvallend is dat maar 28% de oplossing zoekt in het aanpassen van de hypotheeknormen, waarbij het beeld ook nog verdeeld is: 58% wil ruimere normen, 42% juist krappere.

Woningbezitters zijn echt bereid om bij te dragen aan een oplossing, bijvoorbeeld door via belastingen mee te betalen aan goedkopere woningen in plaats van de vrije sector nieuwbouw duurder te maken. Wim Flikweert, Manager wonen bij ING

Overwaarde: appeltje voor de dorst, maar maakt woning ook te duur voor kinderen

De meeste woningbezitters zonder verhuisplannen verwachten hun woning met winst te kunnen verkopen. Twee derde van de respondenten staat positief tegenover deze overwaarde (67%). Iets meer dan de helft van deze groep denkt door de overwaarde geld achter de hand te hebben voor pensioen of zich geen zorgen te hoeven maken over hun persoonlijke financiële situatie. Dat overwaarde leidt tot het betalen van meer belasting, noemt ruim de helft een nadeel, maar ook dat door de toenemende waarde de woning te duur wordt om over te dragen aan kinderen (41%). Opvallend is dat 23% zijn eigen woning nu niet meer zou kunnen kopen. Bij 34% kunnen beide partners dat, bij 43% kan maar één van de partners de woning op zijn/haar inkomen financieren. Wim Flikweert: “Bij echtscheiding kan dit tot problemen leiden omdat de keuze of en wie er kan blijven wonen beperkt is.”

 

Sociale koop als één van de oplossingen met draagvlak

De introductie van sociale koop wordt door de helft van de respondenten als goede manier gezien om de toegang tot de woningmarkt voor lagere inkomens te vergroten. Sociale koop is mogelijk door de grondprijs te verlagen en door een grens te stellen aan de bouwkosten. Starters en doorstromers zien sociale koop als kans om toch een woning te bemachtigen, woningbezitters zonder verhuisplannen zien vooral mogelijkheden voor hun omgeving. 51% van de respondenten vindt een inkomensgrens bij sociale koop acceptabel. Zowel bij de eerste aankoop als bij eventuele latere doorverkoop. Hierbij vindt maar liefst 88% dat het maximum inkomen voor sociale koop anderhalf keer modaal moet zijn. Daarnaast vindt 44% van de respondenten dat inwoners uit de eigen woonplaats voorrang moeten krijgen op deze woningen. Wim Flikweert: “Sociale koop, waarbij je gericht woningen bouwt en toewijst aan mensen met een lager inkomen kan relatief snel de toegang tot de woningmarkt verbeteren. Wel zijn regels nodig om te voorkomen dat de subsidies onevenredig zijn en structureel kan steeds meer subsidie de woningnood niet oplossen.” Degenen met het meeste recht op woonruimte zijn volgens de respondenten jongeren (42%), personen in een echtscheiding (15%) of mensen met medische redenen (13%).

Sociale koop, waarbij je gericht woningen bouwt en toewijst aan mensen met een lager inkomen kan relatief snel de toegang tot de woningmarkt verbeteren. Wim Flikweert, Manager wonen bij ING

Onderzoeksverantwoording 

Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van ING door DVJ Insights onder huurders en thuiswonenden die van plan zijn in de komende 2 jaar een koopwoning te kopen (starters) en onder eigenaren van een koopwoning. In totaal zijn in het vierde kwartaal van 2021 1.148 personen ondervraagd, waarvan 755 koopwoningbezitters en 395 huurders en thuiswonenden die van plan zijn in de komende 2 jaar een koopwoning te kopen. Het vertrouwen in de woningmarkt wordt berekend op basis van onderliggende vragen met betrekking tot de verwachtingen ten aanzien van de hypotheekrente, het aantal huizen dat verkocht wordt, de huizenprijzen en de eigen financiële situatie plus een vraag over de algemene economie in Nederland. Het onderzoek vond plaats in de periode eind oktober tot begin november 2021.

Contactgegevens

Gerelateerde onderwerpen

Ontvang het laatste ING nieuws via RSS.

Of abonneer handmatig met de Atom URL